Behandelingen: Kronen



Wanneer een tand of kies met een stevige wortel, bijvoorbeeld als gevolg van een groot gat, te zwak is om de grote kauwkrachten goed te kunnen weerstaan, kan een kroon uitkomst bieden. Ook kan het plaatsen van een kroon overwogen worden wanneer een tand levenloos is en als gevolg daarvan verkleurd.

Een kroon is een huls van goud of keramiek waarover meestal porselein gebakken is. Deze huls wordt op de beschadigde tand of kies vastgelijmd. Hierdoor krijgt de tand of kies zijn oorspronkelijke vorm terug.

Voor het plaatsen van een of meerdere kronen dienen 2 afspraken gemaakt te worden. Tijdens de eerste afspraak wordt de tand of kies waarop de kroon geplaatst zal worden omslepen. Zo ontstaat er voldoende ruimte om de kroon goed te kunnen plaatsen. Na het omslijpen wordt er een afdruk van het gebit gemaakt en voert de tandarts een beetregistratie uit. Op basis van die gegevens kan de tandtechnicus een gipsmal van uw gebit maken, waarop de kroon vervaardigd kan worden. Om de kleur van de kroon te bepalen, worden nog foto's van ‘kleurstalen' en de aangrenzende tanden en kiezen gemaakt.

Om de tijd tot de volgende afspraak te overbruggen, word een tijdelijke kroon op de omslepen tand of kies geplaatst.

Tijdens de tweede afspraak, die ongeveer 3 weken na uw eerste afspraak plaats heeft, wordt de tijdelijke kroon vervangen door de definitieve kroon, die de tandtechnicus voor u op maat gemaakt heeft. De kroon wordt gevuld met een laagje snelhardend cement en dan op zijn plaats gedrukt.